donderdag 25 april 2013



Het sociaal akkoord: populistisch of effectief?
Niemand gelooft dat bezuinigingen echt verleden tijd zijn 

Na weken van onderhandelen met werkgevers en vakbonden, kwam er vorige week eindelijk een overeenstemming over het sociaal akkoord in Nederland. In het begin was vriend en vijand positief over het akkoord, maar nu lijkt niemand in Den Haag nog te geloven in een bezuinigingsvrij 2014. 

Door: Dennis Kant

"Dit is een historisch moment", zei premier Rutte van Nederland bij de presentatie van het akkoord. "Dit is een akkoord van vertrouwen voor het komende decennium dat de Nederlandse samenleving verder brengt." Afgesproken is onder meer dat de geplande bezuinigingen voor 2014 voorlopig worden uitgesteld, dat de ontslagbescherming tot 2016 ongewijzigd blijft en dat het derde jaar van de werkloosheidsuitkering wordt veranderd. 
Het kabinet heeft gezegd niet verder te bezuinigen en geeft zo de economie groeimogelijkheden. ‘Iedereen voorspelt groei, ook het IMF, niet met procenten tegelijk, maar we zien de weg omhoog weer. Dat zien we in de exportcijfers en daar leggen we, op weg naar herstel, dit akkoord bij’, aldus Rutte. 
Een definitief besluit over het bezuinigingspakket van ruim 4 miljard euro volgt volgens minister van Financiën Dijsselbloem in aanloop naar Prinsjesdag. Dat gebeurt op basis van nieuwe economische ramingen.
Criticus Martin Visser, econoom voor het Financieel Dagblad, zei in het programma Pauw en Witteman  echter dat er geen rekening wordt gehouden met de tijd die nodig is tussen de beleidswijziging en het oogsten van de gevolgen daarvan. Het akkoord heeft volgens Visser wel waarde, maar de eventuele effecten ziet hij niet.            


© ANP. (VLNR) Voorman Bernard Wientjes van VNO-NCW, premier Mark Rutte, minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en FNV-voorzitter Ton Heerts voor aanvang van de presentatie van het sociaal akkoord gesloten met werkgevers en vakbonden.

Werkloosheid
In het sociaal akkoord zijn allerlei maatregelen ingebouwd tegen de werkloosheid. Er is van alles bedacht voor de jongeren en ouderen die geen werk hebben, maar voor de groep die de laatste tijd toeneemt, is er geen oplossing. “We zien dat de werkloosheid nu iedereen raakt. De groep die nu toeneemt is de middencategorie, vijfentwintig tot vijfenveertig jaar. Het sociaal akkoord voorziet maatregelen van werk naar werk, maar ja dat werk is er dus even niet’, aldus Visser. 
De werkloosheid is eigenlijk een goede maatstaf voor de crisis. Er is nu sprake van een triple dip, de derde keer dat Nederland in een recessie zit. Werkloosheid wordt gecreëerd door krimp en wordt heel eenvoudig weer opgelost door groei. Het is dan volgens veel mensen aan de overheid om deze groei te stimuleren. 
De uitspraak van premier Rutte vorige week viel dan ook in het verkeerde keelgat. Volgens onze premier is de winter voorbij en moeten we er zelf maar voor zorgen dat we in een nieuwe cabrio de zomer tegemoet gaan. De binnenlandse consumptie moet stijgen en dit kan volgens Rutte alleen wanneer we gaan investeren in wielen en stenen. De gemiddelde Nederlander kan echter helemaal geen nieuwe auto kopen of krijgt überhaupt geen hypothecaire lening van een bank omdat ‘veel hervormingen i.v.m. pensioenen en de woningmarkt op het slechte moment genomen zijn omdat veel partijen er niet aan wilden’, zo zegt Visser.
Positief?
Volgens econoom Barbara Baarsma zijn er twee punten positief aan dit akkoord. ‘Goed is dat de vakbonden goed in hun vel zitten en daardoor dit akkoord mede mogelijk hebben gemaakt. Een ander pluspunt is dat de geestdodende norm van het maximale 3% begrotingstekort even uit zicht is. Dit geeft in principe ruimte voor creatieve, verstandige hervormingsideeën’.
In principe...Helaas wordt de ruimte die dit biedt, niet benut. Het akkoord stelt ofwel zaken uit, ofwel worden er zaken afgesproken die juist de arbeidsmarkt minder goed laten werken. Als voorbeeld haalt Baarsma de flexibiliteit aan, meer in het bijzonder de afgeschafte nulcontracten in de zorg. ‘Waarom is er een toenemende mate van flexibiliteit? Omdat vaste contracten te vast en te goudvast zijn, de aanpak van deze flexibiliteit is dus symptoombestrijding’. Het akkoord is ook bedoeld voor de werking van de arbeidsmarkt an sich, niet specifiek voor bepaalde sectoren. Daarom vindt Baarsma het raar dat er toch specifiek rekening is gehouden met de zorgsector, al is het volgens haar op een verkeerde manier. 
Voorbeeld voor België
Dat de regeringspartijen een akkoord hebben bereikt in nauw overleg met de werkgevers en de vakbonden is alleen al een prestatie die navolging moet krijgen in België. Het sociaal overleg ligt er namelijk ‘op z’n gat’. Volgens Karel van Eetvelt, topman van Unizo, is de vertegenwoordiging van werkgevers en werknemers haar geloofwaardigheid kwijt en kan ze geen vuist maken tegen de regering. ‘Misschien is het daarom beter om er maar gewoon mee op te houden’, zegt van Eetvelt in een gesprek met krant De Morgen. "We claimen als sociale partner mee invloed te hebben op de maatschappij en het beleid, maar zoals we nu bezig zijn, komt daar niets van terecht. Het is bijzonder frustrerend te moeten vaststellen dat we fundamentele zaken niet meer opgelost krijgen met deze groep."

Een goed afgewogen akkoord blijkt geen gemakkelijke opgave. Het kan voor het volk ook nooit snel genoeg gaan, zeker niet in tijden van economische malaise maar houd wel in het achterhoofd dat er geen akkoord gesloten moet worden tegen iedere prijs.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten